DE VRAAG

 

De Zuidvleugel van de Randstad is een netwerkstad in wording, het ontwikkeld zich tot een samenhangend stedelijk gebied. Binnen deze realiteit moeten de steden zich opnieuw positioneren. Het zijn geen los van elkaar functionerende stadsgewesten meer, maar vestigingsplaatsen voor bedrijven en burgers die met andere steden en centra buiten de stad concurreren. Steden begeven zich op een ‘markt' van vestigingsplaatsen die groter is dan voorheen. 

 

Het project Woonwerkmilieus fomuleert perspectieven voor de ontwikkeling van vitale combinaties van activiteiten en de cruciale ruimtelijke voorwaarden daarin. Sommige vormen van menging ontstaan op lokaal niveau. Ze zijn met bestaande planningsmiddelen te beschrijven en te ontwikkelen. Andere kansen voor vitale stedelijke milieus ontstaan door samenhang tussen activiteiten die niet op dezelfde plek aanwezig zijn. De netwerken leggen de relatie, de patronen van de gebruikers bepalen de schaal. De expertmeeting richt zich op woonwerkmilieus
die binnen deze realiteit van de netwerkstad kunnen ontstaan. Daaruit komt de vraag aan de experts voort:

 

Welke kansrijke mengingen tussen economische, sociale en culturele activiteiten op hoger schaalniveau zijn er te benoemen? Welke vormen van samenhang en positieve effecten daaruit kunnen sturend zijn voor verstedelijking?


In de expert meeting zijn vertegenwoordigers van verschillende economische, sociale en ruimtelijke invalshoeken aanwezig. Daardoor ontstaat de kans om een diversiteit van woonwerkmilieus voor de Zuidvleugel te benoemen.

 

Vraag 1

 

Welke effecten uit de samenhang tussen activiteiten zijn in de ontwikkeling van woonwerkmilieus te prioriteren? Welke woonwerkmilieus laten zich vanuit zowel economisch als ook sociaal standpunt onderbouwen? Welke effecten uit de ruimtelijke condities moeten centraal staan? De wens naar onderscheidendheid en identiteit? De attractiviteit van het landschap en de openbare ruimte?

 

 Er is binnen het project Woonwerkmilieus onderzoek naar de vestigingsplaatsfactoren van economische activiteiten in de Zuidvleugel gedaan.
Vanuit deze verschillende economische standpunten wordt de woonwijk als businesscase bezien. De inwoners spelen een rol als gekwalificeerd personeel (flexibiliteit en stabiliteit van de markt voor personeel), als potentiële ondernemers en als klanten/afnemers. Daarnaast hebben de wijken invloed op het investeringsklimaat. Sociale ordening en zekerheid besparen bij voorbeeld maatschappelijke kosten en hebben een positieve invloed op het imago van een gebied. Last not least spelen de wijken een rol als woonmilieus voor de key-workers. Het antwoord op vraag 1 dient ter beoordeling en complementering van de effecten die in deze eerste aanzet tot ontwikkeling van woonwerkmilieus zijn gebruikt.

 

Vraag 2

 

Welke activiteiten en ruimtelijke condities zijn van belang in woonwerkmilieus? Welke zijn stuurbaar en hebben daarmee een hoge strategische waarde in de ontwikkeling van samenhang?

 

Binnen het project Woonwerkmilieus is onderzoek gedaan naar in de Zuidvleugel aanwezige woon- en werkactiviteiten, naar de voorzieningen en naar de ruimtelijke condities die mogelijk sturend voor ontwikkelingen van woonwerkmilieus zijn. Het antwoord op vraag 2 dient ter valuering van de elementen naar hun rol in woonwerkmilieus en hun strategische waarde.